WORLDEXPLORER     

Siteoverzicht
Email
Homepage
    

Rubriek :
Historische figuren

Béla Bartok

Bartók, Béla (Nagyszentmiklós, thans: Sînnicolaul Mare, Roemenië, 25 maart 1881 - New York 26 sept. 1945), Hongaars componist en pianist, kreeg pianoles van zijn moeder en trad reeds in 1891 op. Sinds 1894 had hij les van L. Erkel te Bratislava, van 1899 af studeerde hij samen met E. von Dohnányi aan de Liszt Ferenc Akademia te Boedapest compositie en piano. Na de Liszt-prijs te hebben gewonnen, bekwaamde hij zich verder als pianist. In 1907 volgde hij Thomán als docent op en van 1922 af maakte hij verschillende tournees in Europa (w.o. Nederland) en de Verenigde Staten. Omstreeks 1905 begon Bartók belangstelling te krijgen voor de oude Hongaarse boerenmuziek, hierin gestimuleerd door Kodály. In 1906 publiceerden zij hun eerste bundel opgetekende volksmuziek. Folklore-onderzoek werd nu zijn werkobject; in 1913 verscheen te Boekarest Bartóks boek over Roemeense volksmuziek. Voor zijn opera De burcht van Blauwbaard (1911) en het dansspel De houten prins (1914-1917) was het libretto geschreven door Béla Balázs en diens sympathie voor het radencommunistische Kun-bewind in Hongarije (1919) bracht Bartók in diskrediet. Zijn rehabilitatie, die tot uiting kwam in de overheidsopdracht ter gelegenheid van de 50-jarige vereniging van Buda en Pest (Danssuite, 1923), werd gestimuleerd door zijn groeiend succes in het buitenland. In 1940 verliet Bartók, vanwege de politieke repressie, Europa en vestigde zich in de Verenigde Staten, waar hij bekend was sinds zijn tournee van 1927. Zijn leerling T. Serly voltooide Bartóks altconcert en derde pianoconcert naar zijn kortschrift. In 1988 werden zijn stoffelijke resten naar Hongarije overgebracht.
Aanvankelijk onder invloed van Johannes Brahms, Franz Liszt en Richard Strauss, werd Bartók later gewonnen voor de muziek van Claude Debussy en het antiromantisch expressionisme van Schönberg en Strawinsky, waarop een door Bach en Beethoven geďnspireerde neoklassieke periode (1926-1932) volgde. De sterkste invloed onderging hij echter van de Hongaarse volksmuziek. Ondanks al deze invloeden heeft Bartók een volkomen eigen stijl gevonden, die op de gehele hedendaagse muziek een blijvend stempel heeft gedrukt. Kenmerken zijn: de ritmische felheid, de plastische gesloten melodiek, de in wezen nog tonale harmoniek (zie tonaliteit), waarbij de kleine secunde niet als dissonant, maar als integrerend muzikale factor van het geheel een overheersende rol speelt en een klassiek, sterk constructief vormbesef. Zijn laatste scheppingen (na ca. 1934) geven blijk van een synthetische beheersing van alle compositietechnieken en grote geestelijke verdieping. Het Béla Bartók-archief in New York heeft in vijf delen de door de componist bijeengebrachte Roemeense volksmuziek uitgegeven, Rumanian folk music (voltooid 1975), alsmede zijn Turkish folk music from Asia Minor (1976).
 


Klik hier om deze pagina als je startpagina in te stellen !

Google
 
Web www.worldexplorer.be
www.infoblog.be
© 2006 - WorldExplorer