WORLDEXPLORER     

Siteoverzicht
Email
Homepage
    

Rubriek : Paddestoelen
 

Dennezwavelkop

Hypholoma capnoides
Deze paddestoel onderscheidt zich van de rode zwavelkop door de grijzig getinte plaatjes en door het feit dat hij alleen op naaldhout groeit, in bundels. De hoed is twee tot zes cm breed, meestal gewelfd tot uitgespreid en glad. In het begin is hij bedekt met resten van de sluier. Het oppervlak is normaal gesproken droog en gelig oranje tot okergeel. De rand is meestal crèmekleurig. Bij vochtig weer wordt het slijmig. De plaatjes zijn eerst wittig, maar worden al snel grijzig tot asgrijs of krijgen de blauwgrijze kleur van klaprooszaad. De steel, vier tot tien cm lang en vijf tot tien mm dik, is bij jonge exemplaren vol, maar wordt al snel hol; het oppervlak is fijnvezelig tot vlokkig, aan de top crèmekleurig, middenin gelig tot okerkleurig en onderaan roestbruin. Het vlees is dun, wittig tot gelig in de hoed en in het bovenste deel van de steel, en roestbruin in het onderste deel. Het heeft een neutrale, maar aangename geur en smaak. De dennezwavelkop groeit van maart tot december op vermolmde stronken, stammen en wortels van sparrenhout, minder vaak op andere naaldbomen. Deze paddestoelen komen voor van het laagland tot in de bergen; in heuvelachtige gebieden zijn ze zeer talrijk, elders komen ze verspreid tot vrij veel voor. Ze zijn eetbaar, zeer smakelijk en kunnen vers of als tafelzuur gegeten worden.
 

© 2006 - WORLDEXPLORER
Google