WORLDEXPLORER     

Siteoverzicht
Email
Homepage
    

Rubriek : Paddestoelen
 

Plompe russula

Russula viscida
Kenmerkend voor deze paddestoel zijn het robuuste vruchtlichaam en het leergele tot oranjebruine oppervlak van het onderste deel van de steel. De hoed is vijf tot vijftien cm breed, aanvankelijk hoog bolrond, maar bij volgroeide exemplaren plat tot ietwat ingedeukt. Hij is hard en heel lang stevig, heeft een gladde of slechts licht gegroefde rand en een plakkerig en vrij glimmend oppervlak, dat in droge toestand dof is. De kleur is zeer wisselend : meestal is hij bruinrood, bruinpaars of paarsrood van kleur met een gele, olijfkleurige of bruine zweem. De plaatjes zijn vijftien mm breed, staan niet al te dicht opeen, zijn teer, in het begin wittig, later crèmekleurig en vertonen bij oude exemplaren roestbruine vlekken. De steel, zes tot vijftien cm lang en twee tot vier cm dik, is smal knotsvormig tot cilindrisch en bij jonge exemplaren vol, stevig, hard en lichtgekleurd. Later is hij gevuld, zachter en kleurt hij van bovenaf langzaam bruin. Het vlees is hard, wittig, maar kan hier en daar wat geel of bruin worden. Het heeft een zwakke, fruitige geur. De smaak van de plaatjes is bitter en gepeperd; het vlees in de steel is zacht van smaak.
Deze russula groeit van juli tot september in naaldbossen, bij voorkeur onder dennen en sparren. Ze is op een kalkhoudende grond gesteld, maar verdraagt ook een zure voedingsbodem. U kunt haar zowel in heuvelachtige gebieden als in de bergen aantreffen, soms zelfs tot aan de boomgrens. Toch is deze soort overal zeldzaam.
Het gaat hier om een eetbare paddestoel met een middelmatige smaak. Zijn zeldzaamheid is één van de redenen dat hij niet veel in gerechten wordt verwerkt.
 

© 2006 - WORLDEXPLORER
Google