WORLDEXPLORER     

Siteoverzicht
Email
Homepage
    

Rubriek : Paddestoelen
 

Vingerhoedje

In tegenstelling tot de klokjesmorielje is de hoed van deze soort licht golvend of gerimpeld; er zijn geen diepe hersenvormige richels of plooien. De hoed, twee tot drie cm hoog en één tot twee cm breed, heeft de vorm van een vingerhoed en is alleen bovenop de steel vastgehecht. Hij is stomp, kegel- of klokvormig met een vrije rand die in het begin naar binnen is gebogen. De buitenkant is bruinig; de binnenkant is wittig tot licht okerkleurig. Het oppervlak is glad, wat golvend of licht gerimpeld. De steel, vijf tot tien cm lang en één tot anderhalve cm dik, is onregelmatig cilindrisch en vaak krom. Hij is eerst merghoudend, later hol en bedekt met in ringen gerangschikte, vlokkige schubben die, zoals de hele steel, wittig tot crèmekleurig zijn maar donkerder worden bij veroudering : licht okerkleurig tot vaalbruin. Het vlees is fijn, wasachtig, heel teer; het heeft geen opmerkelijke geur maar wel een aangename smaak. Vingerhoekjes groeien van april tot de herfst in vochtige, dun begroeide loofbossen, weilanden en in struikgewas, vooral onder de meidoorn. Ze hebben een voorkeur voor humusrijke alkaligrond en zijn te vinden van het laagland tot in heuvelachtige gebieden. Ze komen zelden in grote getalle voor. Dit is dan ook een erg zeldzame soort, die in feite weinig bekend is. Hij is eetbaar, maar gezien zijn zeldzaamheid is bescherming gewenst.


Klik hier om deze pagina als je startpagina in te stellen !

Google
 
Web www.worldexplorer.be
www.infoblog.be
© 2006 - WorldExplorer