WORLDEXPLORER     

Siteoverzicht
Email
Homepage
    

Rubriek : In het water levende zoogdieren
 

De witflankdolfijn

De witflankdolfijn of Lagenorhynchus acutus. Grootte : lichaamslengte 2,1 tot drie meter en gewicht tot ongeveer 250 kg. Uiterlijk : een grote dolfijn, donkergrijs of zwart aan de bovenzijde, wit aan de onderkant. Lichte grijze flanken, met witte of gele strepen onder de rugvinnen, geel of bruin langs de staart. Snuit is breed en kort; dertig tot veertig kleine, scherpe tanden in elke kaakhelft. Borstvinnen door dunne zwarte streep met kop verbonden.
Verspreidingsgebied : de koele en koude wateren van het noordelijke deel van de Atlantische Oceaan, in het westen verspreid van Groenland tot Nieuw-Engeland en in het oosten van ScandinaviŽ en Spitsbergen tot Engeland; algemeen voor de Noordzeekust van ScandinaviŽ en Noord-Engeland, zeldzaam in de Oostzee. Van de Nederlandse kust zijn sinds 1863 slechts enkele strandingen bekend, de laatste uit 1973 bij Breskens. Van de Belgische kust is geen enkel duidelijk geval bekend. Zuidelijker zijn tot dusverre geen exemplaren aangetroffen.
Het is een aantrekkelijke, kleurrijke dolfijn van de noordelijke wateren, die vaak in groepen van meer dan vijftig dieren wordt gezien, soms zelfs in scholen van duizend en meer. Massale strandingen worden van tijd tot tijd gemeld uit Nieuw-Engeland en ScandinaviŽ. Witflankdolfijnen planten zich voort in de lente en de zomer; de jongen worden geworpen na een draagtijd van ongeveer tien maanden. Zij voeden zich met aan de oppervlakte levende vis en pijlinktvis. Hoewel zij soms, tesamen met andere soorten, aan land worden gedreven, geharpoeneerd of in netten gevangen, zijn ze te wijd verspreid om daarvan ernstige schade te ondervinden.


Klik hier om deze pagina als je startpagina in te stellen !

Google
 
Web www.worldexplorer.be
www.infoblog.be
© 2006 - WorldExplorer